Natvoer of menseneten?

Written by

in

Wie zich afvraagt wat een kat mag eten, denkt vaak eerst aan brokjes, blikvoer of een klein stukje vlees van het eigen bord. Katten hebben echter een bijzonder voedingspatroon. Het zijn obligate carnivoren: hun lichaam is gebouwd op voedingsstoffen uit dierlijke producten. Dat betekent niet dat elk stukje vlees geschikt is en ook niet dat alles wat natuurlijk lijkt automatisch veilig is. De juiste keuze hangt af van de leeftijd, gezondheid, hoeveelheid en bereidingswijze.

De basis van een goed dieet

Een volwassen kat heeft complete kattenvoeding nodig die afgestemd is op haar levensfase. Op de verpakking staan meestal termen als “volledig diervoeder” of “complete voeding”. Daarin horen onder meer voldoende dierlijke eiwitten, vetten, taurine, vitaminen en mineralen te zitten. Taurine is bijzonder belangrijk voor het hart en het gezichtsvermogen; een tekort kan ernstige gevolgen hebben.

Zowel natvoer als brokken kan een goede basis vormen. Natvoer levert extra vocht en is daarom aantrekkelijk voor katten die weinig drinken. Brokken zijn gemakkelijk af te wegen en kunnen praktisch zijn in een huishouden met vaste voertijden. De beste keuze is niet voor iedere kat hetzelfde. Let vooral op de totale voedingswaarde en op een passende portie, want overgewicht komt bij huiskatten veel voor.

Veilige extraatjes uit de keuken

Een klein hapje van bepaalde producten kan meestal geen kwaad, zolang het geen vervanging wordt voor volledige kattenvoeding. Geef voedsel altijd ongekruid, goed gaar en in kleine stukjes. Zout, boter, olie, saus, ui en knoflook horen niet bij een veilige traktatie. Ook rauw vlees brengt risico’s op bacteriën en parasieten met zich mee, vooral wanneer de hygiëne onvoldoende is.

  • Gekookte kip of kalkoen zonder bot, vel en kruiden;
  • Gegaarde vis zonder graten, zoals witvis;
  • Een klein beetje gekookt ei;
  • Een bescheiden portie mager rundvlees;
  • Een paar hapjes gekookte pompoen of wortel, als de kat dit verdraagt;
  • Een klein stukje komkommer als incidentele, caloriearme snack.

Deze producten zijn uitsluitend aanvullingen. Een kat heeft geen groenten nodig om gezond te blijven, en veel katten tonen er nauwelijks belangstelling voor. Geef een nieuw product eerst in een zeer kleine hoeveelheid. Braken, diarree, jeuk of lusteloosheid kan wijzen op een intolerantie of ander probleem.

Melk, vis en rauw vlees

Melk wordt vaak met katten geassocieerd, maar veel volwassen katten kunnen lactose slecht verteren. Gewone koemelk kan daardoor diarree en buikpijn veroorzaken. Water is de juiste dagelijkse drank. Speciale kattenmelk bevat minder lactose, maar ook daarvan blijft een kleine hoeveelheid verstandig vanwege de extra calorieën.

Vis mag af en toe, maar niet als dagelijks hoofdmenu. Sommige vissoorten bevatten relatief veel zout of zware metalen, en vis uit blik voor mensen kan olie, kruiden of te veel natrium bevatten. Rauwe vis kan bovendien enzymen bevatten die de opname van bepaalde vitaminen beïnvloeden. Rauwe kip, gehakt en orgaanvlees zijn evenmin zonder risico. Wie rauwe voeding wil geven, doet er goed aan dit zorgvuldig met een dierenarts te bespreken.

Een snack is een aanvulling, geen vervanging voor complete kattenvoeding.

Wat katten absoluut niet mogen

Sommige voedingsmiddelen kunnen een kat ernstig ziek maken, zelfs wanneer slechts een kleine hoeveelheid wordt gegeten. Uien, knoflook, prei en bieslook kunnen rode bloedcellen beschadigen. Chocolade en cafeïne kunnen het hart en zenuwstelsel belasten. Druiven en rozijnen worden in verband gebracht met nierproblemen. Alcohol en producten met xylitol horen vanzelfsprekend volledig buiten bereik te blijven. wat mag een kat eten

Ook gekookte botten zijn gevaarlijk: ze kunnen splinteren en verwondingen in de mond, slokdarm of darmen veroorzaken. Vette resten, gefrituurd voedsel en sterk gekruid vlees leiden vaak tot maag-darmklachten en leveren onnodig veel energie. Een kat die iets verdachts heeft gegeten, moet niet zelf met melk, zout of een braakmiddel worden behandeld. Neem direct contact op met een dierenarts en vermeld wat, hoeveel en wanneer er is gegeten.

Porties en eetgewoonten

De juiste hoeveelheid voer staat meestal als richtlijn op de verpakking, maar die richtlijn moet worden aangepast aan lichaamsgewicht, activiteit, leeftijd en eventuele sterilisatie. Een rustige binnenkat heeft vaak minder calorieën nodig dan een actieve buitenkat. Weeg de dagelijkse portie bij voorkeur af in plaats van steeds op het oog bij te vullen. Snoepjes tellen mee in de totale energie-inname en blijven idealiter beperkt tot een klein deel daarvan.

Katten eten van nature meerdere kleine maaltijden. Een vast ritme met twee of meer porties kan daarom beter werken dan één grote maaltijd. Vers drinkwater hoort altijd beschikbaar te zijn. Sommige katten drinken liever uit een brede, lage bak of uit een drinkfontein. Plaats water niet direct naast een sterk ruikende kattenbak en ververs het dagelijks.

Leeftijd en gezondheid tellen mee

Kittens hebben andere behoeften dan volwassen katten. Zij groeien snel en hebben energierijke voeding met voldoende eiwitten, mineralen en vitaminen nodig. Voeding voor volwassen katten is niet altijd geschikt voor een kitten. Ook oudere katten kunnen baat hebben bij een aangepaste samenstelling, afhankelijk van hun gebit, gewicht en nierfunctie.

Bij overgewicht, diabetes, nierproblemen, voedselallergie of terugkerende maag-darmklachten is een algemeen advies niet genoeg. Een dierenarts kan beoordelen of een medische dieetvoeding nodig is. Verander het menu geleidelijk over meerdere dagen, zodat de spijsvertering kan wennen. Een betrouwbare leidraad voor helpt om veilige voedingsmiddelen van riskante restjes te onderscheiden, maar vervangt geen persoonlijk veterinair advies.

Zo geef je verantwoord iets extra’s

Controleer eerst of het product ongekruid en goed bereid is. Geef daarna slechts een klein stukje en houd de reactie van de kat in de gaten. Introduceer nooit meerdere nieuwe voedingsmiddelen tegelijk; anders is niet duidelijk welk product klachten veroorzaakt. Bewaar gevaarlijke etenswaren afgesloten en laat geen bord met restjes onbeheerd op tafel staan.

De eenvoudigste regel is dat complete kattenvoeding de basis blijft, terwijl veilige snacks zeldzaam en klein zijn. Water, een passend gewicht en aandacht voor de gezondheid zijn belangrijker dan menselijke traktaties. Bij twijfel over een bepaald product, een grote hoeveelheid of mogelijke vergiftiging is snel overleg met een dierenarts altijd de veiligste keuze.